ECLI:NL:CRVB:2020:3038
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV en toewijzing proceskosten
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV. Het UWV heeft op 24 juli 2020 een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen, waarmee het volledig aan de bezwaren van appellante tegemoetkwam. Naar aanleiding hiervan heeft appellante het hoger beroep ingetrokken.
De Centrale Raad van Beroep heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het onderzoek gesloten. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht kan het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep worden veroordeeld in de proceskosten als het geheel of gedeeltelijk aan de bezwaren tegemoet is gekomen.
De Raad heeft het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten aan appellante, begroot op in totaal € 2.625,- voor verleende rechtsbijstand in bezwaar, beroep en hoger beroep. De vergoeding van het griffierecht kan appellante rechtstreeks bij het UWV claimen.
De uitspraak is gedaan door rechter-plaatsvervanger J.P.M. Zeijen, in aanwezigheid van griffier K.R. van Renswoude, op 2 december 2020.
Uitkomst: Het hoger beroep is ingetrokken na gewijzigde beslissing van het UWV, dat is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellante.