ECLI:NL:CRVB:2020:2764
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. Volgens de Algemene wet bestuursrecht is het betalen van griffierecht verplicht bij het indienen van een beroepschrift en hoger beroep. Appellant is meerdere malen schriftelijk gewezen op de verschuldigdheid en de betalingstermijnen van het griffierecht.
Ondanks deze waarschuwingen is het griffierecht niet binnen de gestelde termijnen voldaan. De Raad oordeelt dat op grond van de beschikbare gegevens redelijkerwijs niet kan worden vastgesteld dat appellant niet in verzuim is geweest. Hierdoor is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk.
De Raad besluit daarom zonder inhoudelijke behandeling van het hoger beroep. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 10 november 2020.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.