ECLI:NL:CRVB:2020:2622
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens voldoende verdiencapaciteit ondanks psychische klachten
Appellante, laatst werkzaam als fiscalist, meldde zich ziek met psychische klachten en ontving een Ziektewetuitkering. Het UWV beëindigde deze uitkering omdat zij meer dan 65% van haar maatmaninkomen kon verdienen op basis van een arbeidsdeskundig onderzoek en een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
Appellante voerde in bezwaar en beroep aan dat een urenbeperking had moeten worden aangenomen vanwege vermoeidheidsklachten en verminderde beschikbaarheid door behandelingen. Zij overhandigde rapporten van een medisch adviseur die een beperking van twintig uur per week adviseerden.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep motiveerde echter overtuigend dat deze rapporten geen aanleiding geven tot het aannemen van een urenbeperking. De klachten waren bekend en meegenomen in de beoordeling, waarbij beperkingen in functioneren en werkuren al waren vastgesteld. Ook de arbeidsdeskundige concludeerde dat de geselecteerde functies de belastbaarheid niet overschrijden.
De Raad concludeert dat het hoger beroep faalt en bevestigt de eerdere uitspraak van de rechtbank. Er is geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de medische beoordeling en de vastgestelde verdiencapaciteit. De proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering omdat appellante meer dan 65% van haar maatmaninkomen kan verdienen zonder urenbeperking.