ECLI:NL:CRVB:2020:1965
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting AOW wegens niet-verzekerde jaren in Suriname
Appellant, geboren in Suriname en met de Nederlandse nationaliteit, kreeg met ingang van 18 augustus 2019 recht op een AOW-pensioen waarop een korting van 8% werd toegepast vanwege vier jaren waarin hij niet verzekerd was omdat hij in Suriname woonde.
Appellant stelde bezwaar en beroep in tegen deze korting, stellende dat hij zich verzekerd achtte en dat de korting discriminerend was op grond van zijn woonplaats, verwijzend naar artikel 21 van Pro het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
De Raad overwoog dat het begrip 'Rijk' in de AOW tot 1990 het Europese Rijk betrof en dat Suriname verantwoordelijk is voor zijn eigen socialezekerheidsstelsel. Het beroep op het Handvest werd afgewezen omdat dit niet van toepassing is buiten de uitvoering van Unierecht. Ook het discriminatieverweer werd verworpen op grond van eerdere rechtspraak.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, waarmee de korting op het AOW-pensioen rechtmatig werd geacht.
Uitkomst: De korting van 8% op het AOW-pensioen wegens niet-verzekerde jaren in Suriname wordt bevestigd.