ECLI:NL:CRVB:2020:1647
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek terugkomen intrekkingsbesluit WAO en toekenning schadevergoeding redelijke termijn
Appellante verzocht de Centrale Raad van Beroep om terug te komen op een eerder genomen intrekkingsbesluit van een WAO-uitkering. Dit verzoek werd afgewezen omdat de ingebrachte informatie geen nieuw feit of veranderde omstandigheid vormde. Het rapport van een psychiater, opgesteld elf jaar na het intrekkingsbesluit, bevatte geen feiten die relevant waren voor de datum van het besluit.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank Gelderland die het bezwaar van appellante ongegrond verklaarde. Tevens werd vastgesteld dat het UWV het herzieningsverzoek niet als een eerste aanvraag had behandeld, zodat de vraag naar nieuwe feiten of veranderde omstandigheden wel degelijk relevant bleef.
Daarnaast oordeelde de Raad dat de procedure meer dan vier jaar had geduurd, wat een overschrijding van de redelijke termijn volgens artikel 6 EVRM Pro betekent. De Staat werd veroordeeld tot een schadevergoeding van €500,- en tot vergoeding van de proceskosten van appellante ad €262,50. Het UWV werd niet in de proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: Verzoek om terug te komen van het intrekkingsbesluit afgewezen en Staat veroordeeld tot schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn.