ECLI:NL:CRVB:2020:1565
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging ZW-uitkering na zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek
Appellant, laatst werkzaam als onderhoudsmedewerker, meldde zich ziek na een ongeval met lichamelijke en psychische klachten. Het UWV stelde vast dat appellant meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kan verdienen, waardoor de ZW-uitkering werd beëindigd. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep voerde appellant aan volledig arbeidsongeschikt te zijn en betwistte de medische en arbeidskundige beoordeling, mede op basis van buitenlandse medische stukken en een arbeidskundig rapport dat het opleidingsniveau lager stelde vanwege het niet valideren van zijn Turkse hbo-diploma. Het UWV reageerde met aanvullende medische en arbeidskundige rapporten.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, dat de beperkingen juist waren vastgesteld en dat de functies medisch geschikt waren. De arbeidsdeskundige bevestigde dat functies zonder harde diploma-eis passend waren, waarbij rekening werd gehouden met het niet gevalideerde diploma. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de ZW-uitkering wegens voldoende verdiencapaciteit.