ECLI:NL:CRVB:2020:1234
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering nabestaandenuitkering na wijziging geboortedatum
Appellante ontving een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW). Na een wijziging van haar geboortedatum in de basisregistratie personen (brp) door de rechtbank in Marokko, die door appellante zelf was aangevraagd, heeft de Sociale Verzekeringsbank (Svb) de uitkering herzien en teruggevorderd over de periode maart tot en met augustus 2014. De Svb paste het ouderdomspensioen en de aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO) aan op basis van de nieuwe geboortedatum.
De rechtbank Rotterdam had het beroep van appellante deels gegrond verklaard en de terugvordering verminderd. In hoger beroep betoogde appellante dat de Svb ten onrechte de wijziging uit de brp had overgenomen en dat de terugvordering een ongerechtvaardigde inbreuk op haar eigendomsrecht vormde. Ook stelde zij dat er dringende redenen waren om van terugvordering af te zien vanwege haar medische situatie.
De Raad oordeelde dat de Svb verplicht is uit te gaan van authentieke gegevens uit de brp en dat de wijziging van de geboortedatum rechtsgeldig was. De Svb heeft het beleid omtrent terugvordering consistent toegepast en er waren geen dringende redenen om af te zien van terugvordering. De herziening van de uitkering vormt geen ongerechtvaardigde ontneming van eigendom omdat het recht op nabestaandenuitkering eindigt bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. De terugvordering werd vastgesteld op € 2.504,05 na verrekening met de AIO-aanvulling. De Svb werd veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en stelt de terugvordering vast op € 2.504,05.