ECLI:NL:CRVB:2020:1044
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- M. Hillen
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen nieuw besluit op bezwaar na vernietiging rechtbank
Betrokkene had beroep ingesteld tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Heerlen. De rechtbank Limburg had het eerdere besluit van het college vernietigd en het college opgedragen een nieuw besluit te nemen op bezwaar. Het college nam op 21 juli 2017 een nieuw besluit op bezwaar en stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de rechtbank.
Tijdens de procedure bij de Centrale Raad van Beroep trok het college het hoger beroep in. Betrokkene voerde geen beroepsgronden aan tegen het nieuwe besluit en was niet verschenen bij de zitting. De Raad overwoog dat het beroep van betrokkene tegen het nieuwe besluit mede onderwerp van het geding in hoger beroep was geworden en dat de intrekking van het hoger beroep door het college het beroep van betrokkene niet teniet deed.
De Raad verklaarde het beroep van betrokkene ongegrond en wees proceskosten af. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 14 april 2020.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene tegen het besluit van 21 juli 2017 wordt ongegrond verklaard.