Uitspraak
18.646 AW
21 december 2017, 17/551 (aangevallen uitspraak)
Centrale Raad van Beroep
Appellant, werkzaam bij de politie, kreeg in 2007 een functiegebonden dienstauto ter beschikking. Per besluit van 22 juli 2016 werd hem meegedeeld dat hij vanwege het nieuwe Dienstautobeleid politie geen dienstauto meer zou krijgen en deze binnen drie maanden moest inleveren volgens de Tijdelijke regeling overgangsbeleid.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, onder meer vanwege de hoge kosten van het aanschaffen van een tweede eigen auto, en beriep zich op de hardheidsclausule. De korpschef verklaarde het bezwaar ongegrond en de rechtbank Gelderland verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de regeling niet onredelijk is, mede omdat er een redelijke overgangstermijn van drie maanden is en er een regeling bestaat voor vergoeding van reiskosten. De hardheidsclausule is niet van toepassing omdat appellant geen bijzondere individuele omstandigheden heeft die bij het beleid niet zijn voorzien.
Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.