ECLI:NL:CRVB:2019:927
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling arbeidsongeschiktheid en belastbaarheid volgens UWV
Appellante, laatst werkzaam als medewerkster servicedesk, viel uit wegens rugklachten en kreeg een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheid van 66,09% vastgesteld door het UWV. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze vaststelling ongegrond, waarbij zij oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) adequaat de belastbaarheid weergaf.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar belastbaarheid werd overschat vanwege pijnklachten, medicatiegebruik en vermoeidheid, waardoor zij de geselecteerde functies niet zou kunnen vervullen. De Raad overwoog dat deze klachten reeds in eerdere rapportages waren meegenomen en dat de medische en arbeidskundige rapporten voldoende gemotiveerd waren. De Raad concludeerde dat de informatie over wortelcysten, die mogelijk radiculaire pijn veroorzaken, geen aanleiding gaf tot een andere beoordeling.
De Raad bevestigde dat de geselecteerde functies medisch geschikt zijn voor appellante en dat het hoger beroep niet slaagt. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt daarmee bekrachtigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vaststelling van arbeidsongeschiktheid door het UWV wordt bevestigd.