ECLI:NL:CRVB:2019:879
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstand dakloze wegens onvoldoende onderzoek verblijfplaatsen
Appellante vroeg op 5 april 2016 bijstand aan als dakloze en gaf op het opgaveformulier drie adressen op waar zij zou verblijven. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam stelde een onderzoek in, waarbij zij slechts eenmaal werd aangetroffen op een van de adressen. Op basis hiervan wees het college de aanvraag af wegens onjuiste of onvoldoende inlichtingen over haar verblijfplaatsen.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat het onderzoek onzorgvuldig was omdat niet alle adressen voldoende waren bezocht en dat niet was vastgesteld dat zij niet op het derde adres verbleef. De Raad oordeelde dat het college ten onrechte geen onderzoek had gedaan op het derde adres op latere data, terwijl appellante daar mogelijk wel verbleef.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, en bepaalde dat appellante met ingang van 5 april 2016 bijstand toekomt volgens de norm voor dak- en thuislozen. Tevens werd het college veroordeeld in de kosten van appellante.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de bijstandaanvraag wordt vernietigd en appellante krijgt bijstand toegekend vanaf 5 april 2016.