ECLI:NL:CRVB:2019:816
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging recht op loongerelateerde WGA-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid door veelvuldige deadlines
Belanghebbende was werkzaam als boekhouder en meldde zich ziek wegens psychische klachten. Het UWV stelde na medisch en arbeidsdeskundig onderzoek vast dat belanghebbende ongeschikt was voor zijn eigen werk vanwege de werkdruk en veelvuldige deadlines, en berekende een arbeidsongeschiktheid van 35,94%.
Appellante betwistte deze beoordeling en voerde aan dat er geen sprake was van hoge werkdruk of veelvuldige deadlines, en dat belanghebbende geschikt was voor zijn werk. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarbij zij het deskundigenrapport en de arbeidskundige beoordeling onderschreef.
In hoger beroep benoemde de Raad een onafhankelijke deskundige die concludeerde dat het takenpakket van belanghebbende weliswaar geen hoog handelingstempo kent, maar wel wekelijks meerdere deadlines bevat, wat de belastbaarheid overschrijdt. Appellante voerde opnieuw tegenargumenten aan, maar deze werden door de deskundige en de Raad niet gevolgd.
De Raad oordeelde dat het deskundigenrapport zorgvuldig en overtuigend was gemotiveerd en dat het UWV terecht het recht op een loongerelateerde WGA-uitkering heeft vastgesteld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat belanghebbende recht heeft op een loongerelateerde WGA-uitkering vanaf 17 juni 2014 met een arbeidsongeschiktheid van 35,94%.