ECLI:NL:CRVB:2019:4078
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens ontbreken procesbelang bij Wajong-uitkering
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV waarbij zijn Wajong-uitkering per 1 januari 2018 zou worden verlaagd van 75% naar 70% van het wettelijk minimumloon. Het UWV handhaafde dit besluit bij de beslissing op bezwaar van 13 oktober 2016.
Tijdens het hoger beroep heeft het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen op 11 oktober 2019, waarin het bezwaar van appellant alsnog gegrond werd verklaard en de uitkering ongewijzigd op 75% van het minimumloon werd voortgezet. Hierdoor was feitelijk geen geschil meer tussen partijen.
Omdat appellant het hoger beroep niet had ingetrokken, maar het geschil feitelijk was komen te vervallen, verklaarde de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang. Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de door appellant gemaakte kosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na wijziging van de beslissing op bezwaar.