ECLI:NL:CRVB:2019:3975
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M. Hillen
- W.F. Claessens
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing AIO-aanvulling wegens onvoldoende informatie over onroerend goed in Turkije
Appellant verzocht om een aanvullende inkomensvoorziening voor ouderen (AIO-aanvulling), maar de Sociale Verzekeringsbank (Svb) wees deze aanvraag af wegens onvoldoende informatie over zijn vermogen. Appellant bezit sinds 1998 een woning en grond in Turkije, wat als vermogen geldt, maar had dit niet gemeld bij de Svb.
De rechtbank Amsterdam verklaarde de beroepen tegen de afwijzing en intrekking van de AIO-aanvulling ongegrond. In hoger beroep heeft appellant aanvullende stukken overgelegd, waaronder taxatierapporten en verklaringen van lokale autoriteiten, maar deze waren onvoldoende om de economische waarde van het onroerend goed in de relevante periodes vast te stellen.
De rapporten waren van na de beoordelingsperiodes en gaven geen inzicht in de waardebepalende factoren. De verklaringen van de gemeente en het dorpshoofd waren niet deskundig genoeg en de belastingwaarde kon niet zonder meer als economische waarde worden beschouwd. Appellant droeg het risico van bewijsnood, aangezien hij het bezit van het onroerend goed niet tijdig had gemeld.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard vanwege onvoldoende informatie over de waarde van het onroerend goed in Turkije.