ECLI:NL:CRVB:2019:3830
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstandsnorm dakloze met 10% wegens ontbreken woonkosten
De zaak betreft een hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland over de verlaging van de bijstandsnorm van appellant, een dakloze, met 10% van de gehuwdennorm wegens het ontbreken van woonkosten. Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem had deze verlaging toegepast op grond van artikel 27 van Pro de Participatiewet en de Beleidsregels aanpassing bijstandsnorm.
De rechtbank had het beroep gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit in stand gelaten. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij wel kosten voor nachtopvang maakte en dat het college daarom niet bevoegd was de beleidsregels toe te passen. Ook stelde hij dat de norm niet verlaagd mocht worden vanwege zijn woonkosten.
De Raad oordeelde dat appellant als dakloze voldeed aan de criteria voor verlaging van de norm volgens de Beleidsregels, omdat hij geen woning aanhield en geen woonlasten had zoals huur of hypotheek. De kosten voor nachtopvang vallen niet onder de woonkosten zoals bedoeld in de Beleidsregels, omdat deze ook voorzieningen als ontbijt, diner en dagopvang omvatten. Daarom slaagden de beroepsgronden niet en werd de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstandsnorm met 10% wegens ontbreken van woonkosten wordt bevestigd.