ECLI:NL:CRVB:2019:3806
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstand wegens niet-gemelde stortingen
Appellante ontving bijstand op grond van de Participatiewet en werd onderzocht naar aanleiding van een anonieme tip over niet-gemelde contante stortingen en bijschrijvingen van derden op haar bankrekening.
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam herzag de bijstand en vorderde €4.110,03 terug over de periode januari tot en met september 2016. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel.
Appellante voerde aan dat zij ten onrechte niet is gehoord voorafgaand aan het bezwaarbesluit en dat er dringende redenen waren om terugvordering achterwege te laten, waaronder haar situatie als alleenstaande moeder en verblijf op een geheim adres.
De Raad oordeelde dat het college de hoorprocedure correct had gevolgd via de antwoordkaartmethode en dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat zij gehoord wilde worden. Ook waren de aangevoerde dringende redenen onvoldoende onderbouwd en niet uitzonderlijk in de zin van de jurisprudentie.
De terugvordering blijft gehandhaafd en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van €4.110,03 en wijst het beroep af.