ECLI:NL:CRVB:2019:3744
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W.H. Bel
- J.T.H. Zimmerman
- J.L. Boxum
- Rechtspraak.nl
Weigering bijzondere bijstand voor extra kosten tweetalig voortgezet onderwijs
Appellanten vroegen bijzondere bijstand aan voor de extra kosten van het tweetalig voortgezet onderwijs van hun dochter. Het dagelijks bestuur weigerde deze bijstand omdat de kosten werden gezien als incidenteel voorkomende noodzakelijke kosten die uit het inkomen moeten worden betaald. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dat de extra kosten niet voortvloeien uit bijzondere omstandigheden, aangezien het volgen van tweetalig onderwijs een eigen keuze is en de dochter regulier onderwijs kan volgen.
De Raad oordeelde dat het recht op onderwijs, zoals vastgelegd in artikel 2 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM, niet inhoudt dat het bestuur verplicht is financiële ondersteuning te bieden voor extra onderwijsprogramma's. De dochter wordt het recht op onderwijs niet ontzegd omdat zij regulier voortgezet onderwijs kan volgen en daarmee toegang heeft tot hoger onderwijs.
De Raad concludeerde dat de aanvraag van bijzondere bijstand terecht is afgewezen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van bijzondere bijstand voor de extra kosten van tweetalig voortgezet onderwijs.