ECLI:NL:CRVB:2019:2582
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsongeschiktheid en belastbaarheid in WIA-procedure
Appellante, werkzaam als verpleegkundig zorgcoördinator, meldde zich ziek met psychische klachten en werd door het UWV volledig arbeidsongeschikt verklaard met een urenbeperking. Na herbeoordeling stelde het UWV dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt was en beëindigde de WIA-uitkering.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellante tegen dit besluit ongegrond, oordeelde dat het UWV zorgvuldig had gehandeld en dat de belastbaarheid van appellante niet onjuist was ingeschat. Appellante voerde in hoger beroep aan dat een psychiatrische expertise van juni 2018 meer beperkingen aantoonde.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank en het UWV, stelt dat de expertise geen aanleiding geeft tot een ander oordeel en dat er geen reden is een deskundige te benoemen. Ook is er geen grond voor het oordeel dat de geduide functies ongeschikt zijn. Het hoger beroep wordt afgewezen en het verzoek tot schadevergoeding wordt geweigerd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.