ECLI:NL:CRVB:2019:2504
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling laten aanvraag bijstand wegens niet ingeleverde bankafschriften
In deze zaak ging het om de buitenbehandelingstelling van een aanvraag bijstand van 10 oktober 2017 door het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven, omdat appellant niet tijdig de gevraagde bankafschriften had ingeleverd. Het college had bankafschriften gevraagd vanaf 1 november 2015, het moment waarop appellant zonder inkomen kwam te zitten.
Volgens artikel 4:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan een bestuursorgaan besluiten een aanvraag niet te behandelen indien de verstrekte gegevens onvoldoende zijn voor beoordeling, mits de aanvrager de gelegenheid heeft gehad deze aan te vullen. De financiële situatie van appellant is essentieel voor de beoordeling van de aanvraag, waarvoor recente bankgegevens noodzakelijk zijn.
Appellant had slechts een deel van de gevraagde bankafschriften van de ING-rekening overgelegd, waardoor een compleet beeld van zijn financiële situatie ontbrak. Dit was voldoende grond voor het college om de aanvraag buiten behandeling te laten. De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant en wees het hoger beroep af. Een veroordeling in de proceskosten werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de buitenbehandelingstelling van de aanvraag bijstand bevestigd.