ECLI:NL:CRVB:2019:2370
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling passendheid persoonsgebonden budget voor rolstoel bij leverancierkeuze
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de hoogte van het persoonsgebonden budget (pgb) dat het college van burgemeester en wethouders van Arnhem heeft toegekend voor de aanschaf van een elektrische rolstoel. Hij stelt dat hij vanwege slechte ervaringen met de leverancier Medipoint een rolstoel van een andere leverancier nodig heeft, waarvoor het toegekende pgb ontoereikend is.
De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard, en ook in hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij aangewezen is op een rolstoel van een andere leverancier dan Medipoint. De door appellant aangevoerde slechte ervaringen met de rechtsvoorganger van Medipoint en de niet-medisch onderbouwde psychische problemen zijn onvoldoende om het college te verplichten een hoger pgb toe te kennen.
De Raad bevestigt dat het pgb passend is afgestemd op de kosten van een rolstoel van Medipoint en dat het college niet gehouden is nader onderzoek te doen naar de door appellant gestelde problemen. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank gehandhaafd. Er is geen aanleiding tot toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.