ECLI:NL:CRVB:2019:2333
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Beslissing over toekenning bijstand na bezwaar en beroep tegen college Amsterdam
De zaak betreft een beroep tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam van 28 juni 2018, waarbij het bezwaar van appellant tegen een eerdere beslissing werd gegrond verklaard en bijstand werd toegekend over de periode van 18 mei 2016 tot 17 september 2016.
Appellant stelde dat hij ook aanspraak maakte op bijstand tot 1 november 2016 omdat hij in september en oktober 2016 niet heeft gewerkt en geen inkomen had. Deze stelling werd niet onderbouwd met verifieerbare gegevens.
De Raad overwoog dat de bewijslast van bijstandbehoevendheid in beginsel bij de aanvrager ligt en dat appellant tijdens de zitting verklaarde vanaf 17 september 2016 te zijn gaan werken. Het college heeft daarom bijstand toegekend tot die datum.
De Raad vond geen aanleiding om het bestreden besluit onzorgvuldig te achten en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het besluit tot toekenning van bijstand tot 17 september 2016 wordt ongegrond verklaard.