ECLI:NL:CRVB:2019:1502
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ZW-uitkering na zorgvuldige verzekeringsgeneeskundige beoordeling bevestigd
Appellant was werkzaam als autoverkoper en meldde zich ziek met fysieke en psychische klachten. Het UWV stelde vast dat appellant na een eerstejaars ZW-beoordeling meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kon verdienen en beëindigde daarom zijn ziekengelduitkering.
Appellant maakte bezwaar en bracht aanvullende medische informatie in, waaronder van een chiropractor. Een verzekeringsarts bezwaar en beroep onderzocht appellant opnieuw en paste de Functionele Mogelijkhedenlijst aan, waarna het UWV het bezwaar ongegrond verklaarde. De rechtbank bevestigde dit besluit.
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn rugklachten en slaapstoornis onvoldoende waren meegewogen, en dat medisch onderzoek ontbrak. De Raad oordeelde dat het UWV zorgvuldig had gehandeld, de medische situatie juist had ingeschat en dat de aanvullende medische informatie geen aanleiding gaf voor zwaardere beperkingen.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: De ZW-uitkering van appellant is terecht beëindigd na een zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling.