ECLI:NL:CRVB:2019:1114
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijzondere bijstand om niet voor bedkosten
Appellante heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden een aanvraag ingediend voor bijzondere bijstand om niet voor de aanschaf van een comfortabel bed. Het college heeft deze aanvraag afgewezen en aangeboden de bijstand te verstrekken in de vorm van een renteloze geldlening. Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen deze vorm van verstrekking omdat zij reeds andere schulden heeft en geen nieuwe schuld wil aangaan.
De rechtbank Noord-Nederland heeft het bezwaar van appellante ongegrond verklaard, waarna appellante hoger beroep heeft ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep. Tijdens de zitting op 12 maart 2019 heeft de enkelvoudige kamer het hoger beroep behandeld.
De Raad overweegt dat de noodzaak van het bed niet ter discussie staat, maar dat het college de bijstand terecht in de vorm van een renteloze lening aanbiedt. Er zijn geen bijzondere omstandigheden aangevoerd die rechtvaardigen dat de bijstand om niet wordt verstrekt. Bovendien houdt het college bij de aflossing rekening met de overige financiële verplichtingen van appellante. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd. De beslissing is in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van bijzondere bijstand om niet bevestigd.