ECLI:NL:CRVB:2018:867
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek tot terugkomen van buiten behandeling stelling bijstandaanvraag
Appellanten hadden een aanvraag om bijstand ingediend die door het college buiten behandeling werd gesteld wegens het niet tijdig aanleveren van gevraagde gegevens. Tegen dit besluit werd geen rechtsmiddel aangewend. Later verleende het college bijstand op basis van een nieuwe aanvraag.
Appellanten verzochten vervolgens om terug te komen van het oorspronkelijke besluit, maar dit verzoek werd afgewezen omdat geen sprake was van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond.
In hoger beroep stelden appellanten dat de afwijzing evident onredelijk was, omdat zij de gevraagde gegevens niet hadden of deze niet relevant waren. Ook voerden zij aan dat een brief van een gezinsvoogd als bezwaarschrift moest worden aangemerkt. De Raad oordeelde dat deze gronden onvoldoende waren om het besluit als evident onredelijk te bestempelen en dat de brief niet voldeed aan de eisen van een bezwaarschrift.
Daarom werd het hoger beroep verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.