ECLI:NL:CRVB:2018:473
Centrale Raad van Beroep
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek om wraking van behandelend rechter in hoger beroep tegen CAK-uitspraak afgewezen
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen uitspraken van de rechtbank Amsterdam in zaken tegen het CAK. Bij brief is verzoeker geïnformeerd over de behandelend rechter, waarna verzoeker vragen stelde en uiteindelijk verzocht om verschoning en wraking van deze rechter. Het wrakingsverzoek was gebaseerd op vermeende persoonlijke vooringenomenheid, mede gebaseerd op informatie van de LinkedIn-pagina van de rechter.
De Raad overweegt dat wraking alleen kan worden gericht tegen de persoon van de rechter en niet tegen de Raad als zodanig. De algemene bezwaren over de Raad worden daarom niet in behandeling genomen. Het wrakingsverzoek is bovendien niet tijdig ingediend, aangezien verzoeker al op 15 november 2017 op de hoogte was van de identiteit van de rechter en pas op 10 januari 2018 het wrakingsverzoek indiende.
De Raad concludeert dat het verzoek niet-ontvankelijk is en wijst het af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 20 februari 2018.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de behandelend rechter is niet-ontvankelijk verklaard vanwege niet tijdig indienen.