ECLI:NL:CRVB:2018:4271
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding bij griffierechtbetaling
De Centrale Raad van Beroep behandelde het verzet tegen een eerdere uitspraak waarin het verzoek om herziening niet-ontvankelijk was verklaard wegens niet-tijdige betaling van het griffierecht. Het verzetschrift werd gedateerd op 25 april 2018, maar was pas op 4 mei 2018 ontvangen, waardoor de termijn was overschreden.
Verzoekster voerde aan dat de uitspraak laat was ontvangen doordat PostNL de post bij buren had bezorgd, wat de termijnoverschrijding zou verklaren. De Raad oordeelde echter dat de enkele verklaring van de vader van verzoekster onvoldoende was om het verzuim te verhelpen, mede omdat het poststempel op de enveloppe leidend is voor de datum van verzending.
Daarom werd het verzet niet-ontvankelijk verklaard. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter H.C.P. Venema en griffier M.A.E. Lageweg op 27 december 2018.
Uitkomst: Het verzet wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn voor het indienen van het verzetschrift.