ECLI:NL:CRVB:2018:321
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar bijzondere bijstand wegens termijnoverschrijding
Appellante ontving sinds 2005 een Wajong-uitkering en diende in november 2014 een aanvraag bijzondere bijstand in voor bewindvoeringskosten. Het college stelde de aanvraag buiten behandeling wegens onvolledige gegevens. De bewindvoerder van appellante verzocht later het college alsnog de aanvraag in behandeling te nemen, maar het college zag deze brief niet als een bezwaarschrift of nieuwe aanvraag. Het bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep betoogde appellante dat de brief wel als bezwaarschrift had moeten worden aangemerkt. De Raad oordeelde dat de brief een reactie was op eerdere correspondentie en niet als bezwaarschrift of nieuwe aanvraag kon worden gezien, mede omdat appellante geen actie ondernam na het uitblijven van reactie en bij een latere aanvraag geen bezwaarprocedure meldde.
De Raad bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.