ECLI:NL:CRVB:2018:3181
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand ondanks moeilijke persoonlijke omstandigheden
De Centrale Raad van Beroep behandelde het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam inzake de terugvordering van bijstand. Appellant voerde aan dat terugvordering onaanvaardbare sociale en financiële gevolgen voor hem zou hebben.
De Raad oordeelde dat dringende redenen om van terugvordering af te zien alleen kunnen bestaan bij onaanvaardbare sociale en/of financiële gevolgen, wat hier niet het geval was. De moeilijke situatie van appellant werd vooral veroorzaakt door zijn detentie en niet door de terugvordering zelf.
Daarnaast wees de Raad erop dat appellant beschermd is door de beslagvrije voet, waardoor de terugvordering feitelijk geen nadelige gevolgen voor hem had. Nu appellant weer volledige bijstand ontvangt, blijft deze bescherming van kracht.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De terugvordering van bijstand blijft in stand; het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.