ECLI:NL:CRVB:2018:2959
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen terugvordering bijzondere bijstand bewindvoering
Appellant had bezwaar gemaakt tegen de terugvordering van €222,58 bijzondere bijstand voor kosten van bewindvoering over de periode mei tot en met juni 2016. Het college had bij besluit van 6 januari 2017 de aflossingscapaciteit van appellant op nihil gesteld en de terugvordering bevestigd.
De rechtbank Oost-Brabant verklaarde het bezwaar tegen de terugvordering niet-ontvankelijk, omdat de vermelding van de terugvordering in het besluit van 6 januari 2017 slechts een feitelijke mededeling betrof en geen besluit met rechtsgevolg. Appellant ging hiertegen in hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank en ziet geen aanleiding voor een ander oordeel. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. De beslissing is in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de terugvordering van bijzondere bijstand is terecht niet-ontvankelijk verklaard.