ECLI:NL:CRVB:2018:2920
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid na einduitspraak
Verzoeker ontving sinds 1 juli 2012 een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO) naast zijn ouderdomspensioen. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) trok deze AIO-aanvulling over de periode 1 juli 2012 tot en met 30 november 2014 in en vorderde ten onrechte betaalde bedragen terug. De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker tegen deze terugvordering ongegrond.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde in een tussenuitspraak dat het bestreden besluit gebreken vertoonde wegens strijd met de Algemene wet bestuursrecht (Awb), en gaf de Svb de mogelijkheid het besluit te herstellen door nader onderzoek. Verzoeker vroeg vervolgens een voorlopige voorziening om voorschotten te verkrijgen, omdat het wachten op het eindoordeel onredelijk zou zijn.
De Svb gaf aan dat nader onderzoek in Marokko niet mogelijk was, waarna de Raad op 24 juli 2018 een einduitspraak deed. Gezien deze einduitspraak is het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk, omdat niet langer aan de formele vereisten wordt voldaan. De voorzieningenrechter wees het verzoek daarom af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard vanwege het ontbreken van formele connexiteit na de einduitspraak.