ECLI:NL:CRVB:2018:268
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- J.J.T. van den Corput
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontslagbesluit wegens onvoldoende motivering straftoemeting plichtsverzuim milieupark
Appellant, werkzaam sinds 1988 bij de gemeente als medewerker milieupark, werd ontslagen wegens het zonder toestemming wegnemen van goederen van het milieupark. Na een eerdere vernietiging van het ontslagbesluit wegens gebrekkige motivering, handhaafde het college het ontslagbesluit opnieuw. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat het plichtsverzuim toerekenbaar was en het ontslag niet onevenredig.
In hoger beroep stelt appellant dat het college niet consistent heeft gehandeld bij de straftoemeting, omdat hij als enige medewerker ontslagen is terwijl anderen lichtere straffen kregen. De Raad oordeelt dat het college onvoldoende inzicht heeft gegeven in de persoonlijke omstandigheden en verzwarende factoren die tot de verschillende straffen hebben geleid.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het bestreden besluit, herroept het oorspronkelijke ontslagbesluit en legt appellant alsnog de disciplinaire straf van ontslag op, onder de voorwaarde dat deze straf niet wordt uitgevoerd indien appellant zich twee jaar na deze uitspraak niet opnieuw schuldig maakt aan ernstig plichtsverzuim. Tevens wordt het college veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslagbesluit wordt vernietigd en appellant krijgt een voorwaardelijk ontslag opgelegd onder een proeftijd van twee jaar.