ECLI:NL:CRVB:2018:2623
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens overschrijding bezwaartermijn AOW-toeslag
Appellant ontving een besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) dat hij vanaf 1 oktober 2015 geen toeslag voor zijn partner meer zou ontvangen omdat deze de AOW-leeftijd had bereikt. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar deed dit pas na het verstrijken van de wettelijke bezwaartermijn van zes weken.
De Svb verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens te late indiening. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet kan lezen en schrijven en daarom zijn late reactie niet kwalijk genomen moet worden. De rechtbank en de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat het niet kunnen lezen of schrijven geen verschoonbare reden is en dat appellant zich had moeten laten bijstaan.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank Amsterdam dat het bezwaar niet-ontvankelijk is. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 23 augustus 2018.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het besluit over de AOW-toeslag is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn zonder verschoonbare omstandigheden.