ECLI:NL:CRVB:2018:2569
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Bevestiging loongerelateerde WGA-uitkering en afwijzing IVA-uitkering na herbeoordeling
Appellant, werkzaam als medewerker binnen een afdeling, kreeg na ziekmelding in 2013 een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 41,06%, vastgesteld door het UWV bij besluit van 5 oktober 2015 en gehandhaafd bij bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond.
Appellant verzocht vervolgens om herbeoordeling, waarop het UWV bij besluit van 5 september 2017 vaststelde dat zijn arbeidsongeschiktheid was toegenomen tot 100%, maar de loongerelateerde WGA-uitkering ongewijzigd bleef. Dit latere besluit werd niet betrokken in het hoger beroep omdat het buiten de grondslag en reikwijdte van de oorspronkelijke aanvraag viel.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, waarbij de verzekeringsarts meerdere medische disciplines en rapporten heeft betrokken. De claim van appellant dat hij volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is, werd niet gevolgd vanwege onvoldoende onderbouwing. De geselecteerde functies werden als passend beoordeeld. Gezien het arbeidsongeschiktheidspercentage onder 80% was een bespreking van duurzaamheid niet vereist. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de loongerelateerde WGA-uitkering van 41,06% bevestigd, IVA-uitkering afgewezen.