ECLI:NL:CRVB:2018:2494
Centrale Raad van Beroep
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens overschrijding bezwaartermijn Wuv
Betrokkene maakte bezwaar tegen een besluit van de Sociale verzekeringsbank van 29 november 2011 over de voortzetting van voorzieningen als nabestaande onder de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv). Het bezwaar werd ingediend per e-mail op 9 augustus 2016, ruim na de wettelijke termijn van dertien weken.
Verweerder verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de termijn. Appellanten voerden aan dat het besluit nooit is ontvangen en dat de termijnoverschrijding daarom verontschuldigbaar zou zijn. De Raad oordeelt dat het bestuursorgaan aannemelijk heeft gemaakt dat het besluit correct is verzonden naar het juiste adres en dat het vermoeden van ontvangst niet is ontzenuwd door appellanten.
De Raad concludeert dat het bezwaar te laat is ingediend zonder verschoonbare reden en verklaart het beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wegens overschrijding van de bezwaartermijn zonder verschoonbare reden.