ECLI:NL:CRVB:2018:2078

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
27 juni 2018
Publicatiedatum
10 juli 2018
Zaaknummer
17/8153 ZW-PV
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding bij bezwaar UWV

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) nam op 26 oktober 2016 een beslissing op bezwaar. Betrokkene stelde beroep in tegen dit besluit, maar deed dit na het verstrijken van de zes weken beroepstermijn die eindigde op 7 december 2016.

Het beroepschrift, gedateerd op 1 februari 2017, werd op 9 februari 2017 ontvangen en doorgestuurd naar de bevoegde rechtbank. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. De betrokkene kon niet aannemelijk maken dat het gebruik van het postadres of persoonlijke omstandigheden een geldige reden vormden voor de late indiening.

Daarom vernietigde de Raad de uitspraak van de rechtbank Amsterdam en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk. Er werden geen proceskosten aan de betrokkene opgelegd.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare overschrijding van de beroepstermijn.

Uitspraak

17.8153 ZW-PV

Datum uitspraak: 27 juni 2018
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 10 november 2017, 17/1012 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
[betrokkene] te [woonplaats] (betrokkene)
Zitting heeft: mr. H.G. Rottier
Griffier: B. Dogan
Ter zitting zijn verschenen: mr. drs. F.A. Steeman, gemachtigde van appellant, en betrokkene

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen:
1. Het Uwv heeft op 26 oktober 2016 een beslissing op bezwaar (bestreden besluit) genomen. De beroepstermijn bedraagt zes weken en eindigde op 7 december 2016. Betrokkene heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Het Uwv heeft op 9 februari 2017 het beroepschrift ontvangen dat is gedateerd op 1 februari 2017 en dat doorgestuurd naar de bevoegde rechtbank. Daarmee is de termijn om beroep in te stellen overschreden en is het beroep te laat ingesteld. Het beroep kan alsnog inhoudelijk worden beoordeeld als de termijnoverschrijding verschoonbaar is. Verschoonbaarheid zou in dit geval zijn gelegen in twee elementen, zijnde de situatie rondom het postadres van betrokkene en de persoonlijke omstandigheden van betrokkene. Met betrekking tot het door betrokkene gebruikte postadres wordt overwogen dat dit de eigen verantwoordelijkheid is van degene die dat adres in gebruik heeft. Het is de verantwoordelijkheid van de betrokkene dat hij de op dat adres bezorgde post tijdig kan ophalen. Dat het niet mogelijk was om de post op tijd te bekijken, wordt niet onderbouwd en dit blijkt ook niet uit de stukken. Het tweede element dat mogelijk verschoonbaarheid van de termijnoverschrijding oplevert, ziet op de persoonlijke omstandigheden van betrokkene. Noch uit het dossier, noch uit het verhandelde ter zitting is gebleken dat er redenen zijn geweest die zo zwaarwegend zijn dat van betrokkene niet gevergd kan worden dat hij tijdig beroep heeft kunnen instellen. Er is daarom geen aanleiding om verschoonbaarheid van de termijnoverschrijding aan te nemen. Dat betekent dat het beroep bij de rechtbank te laat is ingesteld en dat de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk had moeten verklaren.
2. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.
De griffier De voorzitter
(getekend) B. Dogan (getekend) H.G. Rottier

KS