ECLI:NL:CRVB:2018:1187
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag bijstand wegens onvoldoende financiële duidelijkheid
Verzoekster had na beëindiging van haar massagepraktijk een Ziektewetuitkering met toeslag ontvangen en vroeg bijstand aan ter aanvulling. Het dagelijks bestuur van de Uitvoeringsorganisatie Baanbrekers weigerde de aanvraag omdat verzoekster niet voldeed aan haar inlichtingenverplichting en de herkomst van stortingen op haar bankrekeningen niet kon onderbouwen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Verzoekster ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De voorzieningenrechter overwoog dat de aanvraagperiode liep van 26 april 2017 tot 7 augustus 2017 en dat verzoekster de feiten en omstandigheden moest aannemelijk maken.
Uit onderzoek bleek dat verzoekster kasstortingen had ontvangen zonder concrete en verifieerbare bewijsstukken, en dat haar uitgavenpatroon opvallend laag was zonder voldoende onderbouwing. Hierdoor kon het recht op bijstand niet worden vastgesteld. De Raad bevestigde het bestreden besluit en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd vanwege onvoldoende duidelijkheid over de financiële situatie.