ECLI:NL:CRVB:2017:658
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging invaliditeitspercentage militair met PTSS na uitzendingen
Appellant, voormalig kok bij de Koninklijke Marine, diende een verzoek in voor een militair invaliditeitspensioen wegens psychische aandoeningen na uitzendingen naar de Perzische Golf, Cambodja en Bosnië. Na initiële afwijzing erkende de minister een verergerend dienstverband met een invaliditeitspercentage van 15%, later bijgesteld naar 18% op basis van medisch advies.
De rechtbank stelde het invaliditeitspercentage vast op 18%, oordeelde dat het trauma van appellant onder het PTSS Protocol type T1 valt en dat de minister terecht geen oorzakelijk dienstverband aannam. Appellant ging in hoger beroep tegen deze conclusies en betwistte de toegewezen scores op verschillende subrubrieken van het invaliditeitsprotocol.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de minister op goede gronden het invaliditeitspercentage en het verergerend dienstverband had vastgesteld. De Raad verwierp het betoog van appellant dat sprake was van een T2-trauma en dat het invaliditeitspercentage hoger moest zijn. Ook de door appellant aangevoerde medische rapporten boden onvoldoende grond voor aanpassing. De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het invaliditeitspercentage van 18% en het verwerpt het beroep van appellant.