ECLI:NL:CRVB:2017:4067
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- H. Lagas
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Benadeling werknemer door vroegtijdige beëindiging tewerkstelling wegens ouderschapsverlof
Appellant was tijdelijk tewerkgesteld in een hogere functie binnen de politie en had ouderschapsverlof aangevraagd dat door de korpschef werd gehonoreerd. De korpschef beëindigde de tewerkstelling voortijdig vanwege problemen in de bedrijfsvoering veroorzaakt door het ouderschapsverlof. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat er geen sprake was van benadeling omdat de formele functie ongewijzigd bleef.
In hoger beroep stelde appellant dat de beëindiging van de tewerkstelling vanwege het ouderschapsverlof een benadeling vormde in zijn loopbaanontwikkeling en financiële situatie. De korpschef voerde aan dat het ouderschapsverlof niet geweigerd kon worden en dat hij beleidsvrijheid had over de bedrijfsvoering.
De Raad oordeelde dat het begrip 'benadelen' in artikel 6:1a Waz niet beperkt is tot de formele functie, maar ook de loopbaanontwikkeling en financiële gevolgen omvat. De Raad stelde dat de korpschef al vóór de aanvang van de werkzaamheden met het ouderschapsverlof had ingestemd en dat hij een oplossing had moeten vinden om de continuïteit te waarborgen. De beëindiging van de tewerkstelling was daarom onrechtmatig en in strijd met artikel 6:1a Waz.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond, herroept het besluit van 25 maart 2014 en veroordeelde de korpschef tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het besluit tot beëindiging van de tewerkstelling wegens ouderschapsverlof en veroordeelt de korpschef tot vergoeding van kosten.