ECLI:NL:CRVB:2017:3749
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek loskoppeling aanvullende beurs wegens onvoldoende bewijs ernstig conflict met vader
Appellante verzocht de minister om bij de vaststelling van haar aanvullende beurs geen rekening te houden met het inkomen van haar vader vanwege een ernstig en structureel conflict. Zij onderbouwde dit met een verklaring van een praktijkondersteuner, maar overlegde geen verklaring van een deskundige zoals voorgeschreven in artikel 7, derde lid, van het Besluit studiefinanciering 2000.
De minister wees het verzoek af, wat door de rechtbank werd bevestigd. De rechtbank vond dat de relatie tussen appellante en haar vader weliswaar verstoord was, maar dat de verklaring onvoldoende was om te spreken van een conflict dat loskoppeling rechtvaardigt.
In hoger beroep voerde appellante aan dat er sprake was van mishandeling en een volledig verbroken relatie sinds 2014. De Raad oordeelde echter dat zonder een deskundigenverklaring die mishandeling bevestigt, niet kan worden aangenomen dat de situatie voldoet aan de strikte conflicteis voor loskoppeling.
De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om loskoppeling van het inkomen van de vader bij de aanvullende beurs wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van een ernstig en structureel conflict.