ECLI:NL:CRVB:2017:3637
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging WGA-vervolguitkering wegens voldoende medische en arbeidskundige grondslag
Appellante, werkzaam als traffic manager, viel in 2008 uit wegens diverse klachten en ontving vanaf 2010 een loongerelateerde WGA-uitkering. Na een melding van toegenomen arbeidsongeschiktheid per 1 juni 2012 stelde het UWV de mate van arbeidsongeschiktheid vast en verlaagde de uitkering per 1 mei 2013. Appellante maakte bezwaar tegen deze verlaging, maar dit werd door het UWV en de rechtbank ongegrond verklaard.
In hoger beroep voerde appellante aan dat haar beperkingen groter waren dan door het UWV aangenomen, onderbouwd met een expertise van een psychiater. De Raad overwoog dat deze expertise was opgesteld in een ander kader (letselschadeprocedure) en dat de diagnose somatisch symptoomstoornis onvoldoende aanknopingspunten bood om de beperkingen te herzien.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep had de medische situatie overtuigend beargumenteerd en ook de arbeidskundige beoordeling werd door de Raad onderschreven. Er was geen reden om een deskundige te benoemen of nader onderzoek te doen. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees het beroep van appellante af.
Uitkomst: De verlaging van de WGA-vervolguitkering wordt bevestigd en het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard.