Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2017:3537

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
11 oktober 2017
Publicatiedatum
13 oktober 2017
Zaaknummer
16/5703 WIZ
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:2 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken van rechtstreeks belang bij besluit

De zaak betreft een hoger beroep ingesteld door een gemachtigde namens een van de erven van een in 2015 overleden betrokkene. Tijdens de zitting verklaarde de gemachtigde echter niet gemachtigd te zijn om namens alle erven hoger beroep in te stellen.

Omdat appellant slechts indirect belanghebbende is als erfgenaam en niet rechtstreeks betrokken is bij de besluitvorming zoals bedoeld in artikel 1:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Hierdoor kon de Centrale Raad van Beroep niet inhoudelijk op de gronden van het hoger beroep ingaan.

Er werd geen aanleiding gezien tot een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 11 oktober 2017.

Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een rechtstreeks belang.

Uitspraak

16/5703 WIZ
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van
21 juli 2016, 15/7639 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[Appellant], een van de erven van [Betrokkene] te Amsterdam (appellant)
Zilveren Kruis Zorgkantoor N.V. als rechtsopvolger van Achmea Zorgkantoor N.V. (Zorgkantoor)
Datum uitspraak: 11 oktober 2017
PROCESVERLOOP
Namens appellant heeft mr. A.M.P.M. Adank hoger beroep ingesteld.
Het Zorgkantoor heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 30 augustus 2017. Namens appellant is
mr. A.M.P.M. Adank (gemachtigde) verschenen. Het Zorgkantoor heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. T.J. Cheung.

OVERWEGINGEN

1. [Betrokkene] (hierna: betrokkene) is op 20 december 2015 overleden.
2. Appellant is een van de erven van betrokkene. De gemachtigde heeft hoger beroep ingesteld namens appellant. De gemachtigde heeft op de zitting verklaard dat hij niet gemachtigd is om hoger beroep in te stellen namens de erven van betrokkene.
3. Uit 2 volgt dat het hoger beroep niet is ingesteld door een belanghebbende als bedoeld in artikel 1:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Het belang van appellant is niet rechtstreeks betrokken bij de in geding zijnde besluitvorming, maar slechts indirect, namelijk in de hoedanigheid van erfgenaam van betrokkene. Het hoger beroep zal om die reden niet-ontvankelijk worden verklaard. Gelet hierop wordt niet toegekomen aan een inhoudelijke beoordeling van de gronden van het hoger beroep.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door R.M. van Male, in tegenwoordigheid van I.G.A.H. Toma als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 11 oktober 2017.
(getekend) R.M. van Male
(getekend) I.G.A.H. Toma

AB