ECLI:NL:CRVB:2017:2879
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen ontslag rechterlijk ambtenaar wegens ziekte
Verzoeker, een rechterlijk ambtenaar in opleiding, werd arbeidsongeschikt na een ongeval en ontving een WGA-uitkering wegens 51,45% arbeidsongeschiktheid. De minister nam het besluit om zijn aanstelling per 1 mei 2017 te beëindigen op grond van ongeschiktheid wegens ziekte. Verzoeker betwistte dit en vroeg om een voorlopige voorziening om zijn re-integratie te hervatten en de opleiding af te maken.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het spoedeisend belang aanwezig is vanwege het belang van hervatting van de re-integratie. Het rapport van de verzekeringsarts van het UWV gaf aan dat herstel binnen een half jaar na beoordeling te verwachten is, wat niet verenigbaar is met het ontslagbesluit per 1 mei 2017.
De minister hield het ontslagbesluit in stand vanwege onzekerheid over het herstel en de voorwaarden van re-integratie, maar de rechter stelde dat dergelijke voorwaarden niet mogen leiden tot een voorwaardelijk ontslagbesluit zonder aparte besluitvorming.
De voorzieningenrechter schorst het ontslagbesluit en veroordeelt de minister tot vergoeding van proceskosten en griffierecht, waarmee de rechter het belang van een zorgvuldige en humane behandeling van ziekte en re-integratie onderstreept.
Uitkomst: Het ontslagbesluit van 24 april 2017 wordt geschorst en de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.