Uitspraak
15.7680 PW
OVERWEGINGEN
.Dat appellant niet de beschikking had over de [automerk] blijkt voorts uit verklaringen van vijf getuigen. Deze getuigen verklaren dat zij de [automerk] in de showroom van het garagebedrijf hebben zien staan.
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand sinds 2007 en werd na een anonieme melding onderzocht vanwege het bezit van een auto die op zijn naam stond geregistreerd. De gemeente trok de bijstand in en vorderde terugbetaling wegens het overschrijden van de vermogensgrens.
Appellant voerde aan dat de auto toebehoorde aan het garagebedrijf van zijn neef en slechts tijdelijk door hem werd geleend. Hij ondersteunde dit met verklaringen van getuigen en een advertentieoverzicht waaruit bleek dat de auto te koop stond.
De Raad oordeelde dat registratie van het kenteken op naam van appellant de veronderstelling wekt dat de auto tot zijn vermogen behoort. Appellant slaagde er niet in het tegendeel aannemelijk te maken. De verklaringen en advertenties weerlegden deze veronderstelling onvoldoende. Daarom werd het hoger beroep verworpen en de intrekking en terugvordering bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.