ECLI:NL:CRVB:2017:2499
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W.H. Bel
- J.T.H. Zimmerman
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Herziening terugvordering bijstand na gemengde zakelijke en privéreis naar Peru
Appellant, een beeldend kunstenaar en fotograaf, ontving bijstand als oudere zelfstandige over de jaren 2011 en 2012. Het college van burgemeester en wethouders van Leiden stelde bij besluit vast dat appellant over 2012 een bedrag van €2.180,48 aan bijstand ontving en vorderde een bedrag van €2.766,15 terug vanwege een renteloze lening en niet erkende zakelijke kosten.
De kern van het geschil betrof de vraag of de kosten van een reis naar Peru in juli en augustus 2012 als zakelijke kosten konden worden aangemerkt. De Raad oordeelde dat de reis zowel zakelijke als privé-elementen bevatte, waarbij de zakelijke aspecten onder meer bestonden uit het maken van landschaps- en portretfoto’s en het onderhouden van zakelijke contacten.
Hoewel appellant de kosten van het vliegticket kon onderbouwen, kon hij de overige uitgaven in Peru niet aantonen als zakelijk. Daarom mocht slechts de helft van de ticketkosten als zakelijke kosten worden toegerekend. De Raad vernietigde het bestreden besluit en herzag het terug te vorderen bedrag, waarbij het recht op bijstand werd vastgesteld op €2.864,48 en de terugvordering op €2.082,15.
Daarnaast werd het college veroordeeld in de proceskosten en werd appellant het betaalde griffierecht vergoed. De uitspraak verving het vernietigde deel van het eerdere besluit en werd gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 11 juli 2017.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep herroept de terugvordering en erkent de helft van de ticketkosten als zakelijke kosten, waardoor het terug te vorderen bedrag wordt verminderd.