ECLI:NL:CRVB:2017:237
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging heropening Wajong-uitkering na onherroepelijk worden TBS-maatregel
Appellant ontving sinds 12 november 2008 een Wajong-uitkering. Na een strafrechtelijke maatregel van TBS met dwangverpleging opgelegd op 11 juli 2012, beëindigde het UWV de uitkering per 25 juli 2012 vanwege detentie. Het hoger beroep tegen deze strafmaatregel werd op 30 augustus 2013 ingetrokken, waardoor het vonnis onherroepelijk werd.
Het UWV heropende de uitkering met ingang van 30 augustus 2013, maar appellant stelde dat dit al per 25 juli 2012 had moeten gebeuren. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de voorlopige hechtenis in afwachting van TBS geen reden is om de uitkering eerder te heropenen.
In hoger beroep bevestigt de Raad deze uitspraak. Volgens de Raad geldt dat de vrijheidsbeneming pas vanaf het moment dat het vonnis onherroepelijk is geworden, geen grondslag meer is voor intrekking van de uitkering. De behandeling in het Penitentiair Psychiatrisch Centrum verschilt juridisch van een TBS-inrichting, waardoor appellant pas vanaf 30 augustus 2013 recht heeft op heropening van de Wajong-uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de heropening van de Wajong-uitkering terecht pas per 30 augustus 2013 is vastgesteld.