ECLI:NL:CRVB:2017:2276
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling Staat in proceskosten wegens overschrijding redelijke termijn bestuursrechtelijke procedure
Appellant had bezwaar gemaakt tegen een besluit van de korpschef van politie betreffende een functiewijziging en waardering binnen de LFNP-schaal. De rechtbank Noord-Nederland verklaarde het beroep ongegrond, maar kende appellant een schadevergoeding toe wegens overschrijding van de redelijke termijn in de rechterlijke fase.
In hoger beroep voerde appellant geen inhoudelijke gronden aan tegen het bestreden besluit, maar stelde dat de rechtbank ten onrechte geen proceskostenveroordeling had uitgesproken. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat bij toekenning van schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn een proceskostenveroordeling tegen de Staat passend is.
De Raad vernietigde daarom het deel van de uitspraak van de rechtbank waarin geen proceskostenvergoeding was toegekend en veroordeelde de Staat tot betaling van in totaal €494,- aan proceskosten voor verleende rechtsbijstand in zowel de beroeps- als hoger beroepsfase. Tevens werd bepaald dat het in hoger beroep betaalde griffierecht van €251,- aan appellant wordt terugbetaald.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep veroordeelt de Staat tot betaling van proceskosten en terugbetaling van het betaalde griffierecht wegens overschrijding van de redelijke termijn.