ECLI:NL:CRVB:2017:213
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ANW-uitkering wegens niet-verzekerde echtgenoot
Appellante, woonachtig in Marokko, verzocht om een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar echtgenoot in december 2014. De echtgenoot ontving een AOW-pensioen, maar was niet verplicht verzekerd voor de ANW en ook niet verzekerd volgens Marokkaanse wetgeving.
De Sociale verzekeringsbank (Svb) weigerde de uitkering, hetgeen door de rechtbank Amsterdam werd bevestigd. In hoger beroep herhaalde appellante haar persoonlijke omstandigheden, waaronder ziekte en gebrek aan inkomen.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het AOW-pensioen na 1 januari 2000 niet meer leidde tot verplichte ANW-verzekering en dat er geen bewijs was van vrijwillige verzekering. Daarom kon appellante niet als nabestaande worden aangemerkt en was de weigering van de ANW-uitkering terecht.
De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees een veroordeling in proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de ANW-uitkering aan appellante.