ECLI:NL:CRVB:2016:658
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- J.J.A. Kooijman
- M. Kraefft
- Rechtspraak.nl
Schoolbestuur mag leraar verbod op nevenactiviteiten als klassiek homeopaat opleggen
Appellant is sinds 1992 werkzaam als leraar en heeft daarnaast een praktijk als klassiek homeopaat. Het schoolbestuur had eerder afspraken gemaakt over de nevenactiviteiten, maar trok deze in 2013 in en legde een verbod op om deze activiteiten binnen schoolgebouwen en tijdens lestijd uit te oefenen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het bestuur op grond van de CAO VO artikel 18.3 bevoegd is om werkzaamheden die in strijd zijn met de belangen van de instelling te verbieden. De Raad wijst het verweer van appellant af dat dit artikel niet van toepassing zou zijn op reeds bestaande nevenactiviteiten.
Het bestuur heeft de belangen van de school afgewogen en geoordeeld dat het optreden als klassiek homeopaat jegens leerlingen een ongewenste belangenverstrengeling veroorzaakt en dat beschikbaarheid tijdens lestijd niet acceptabel is. De Raad vindt deze afweging redelijk en bevestigt het verbod.
Een overgangstermijn is niet aan de orde, maar het bestuur heeft een afdoende regeling getroffen voor lopende behandelingen met toestemming van ouders. Appellant heeft verklaard zich aan het verbod te houden zonder onoverkomelijke problemen.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verbod op nevenactiviteiten als klassiek homeopaat is terecht opgelegd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.