ECLI:NL:CRVB:2016:4340
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijzondere bijstand voor kosten eigen bijdrage rechtsbijstand wegens te late indiening
Appellante heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van de eigen bijdrage voor rechtsbijstand, maar het college stelde de aanvraag buiten behandeling wegens het niet tijdig aanleveren van gegevens. Na bezwaar verklaarde het college het bezwaar gegrond en beoordeelde de aanvraag inhoudelijk, maar wees deze af omdat de aanvraag te laat was ingediend, namelijk na de periode waarin de kosten zijn gemaakt.
De rechtbank vernietigde dit besluit omdat het college niet had getoetst aan het buitenwettelijk begunstigend beleid dat een termijn van vier weken hanteert na dagtekening van het bewijsstuk (toevoeging of factuur). Het college nam vervolgens een nader besluit waarin de aanvraag alsnog werd afgewezen wegens te late indiening, conform het beleid.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de kosten van rechtsbijstand op de dag van ontvangst van de toevoeging door de rechtsbijstandverlener ontstaan en dat de aanvraag om bijzondere bijstand uiterlijk op die dag moet worden ingediend. De vaste gedragslijn van het college wordt als buitenwettelijk begunstigend beleid aangemerkt en is correct toegepast. Appellante heeft geen bewijs geleverd dat het college in de praktijk een ruimere termijn hanteerde.
Daarom wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanvraag om bijzondere bijstand wordt afgewezen wegens te late indiening.