ECLI:NL:CRVB:2016:4271
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing gehandicaptenparkeerkaart wegens ontbreken medische noodzaak
Appellant heeft een aanvraag ingediend voor een gehandicaptenparkeerkaart type bestuurder, welke door het college van burgemeester en wethouders van Landgraaf is afgewezen op basis van een medisch advies van de GGD. Het bezwaar tegen deze afwijzing werd eveneens ongegrond verklaard. De rechtbank Limburg bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep ongegrond.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij minder dan 100 meter kan lopen vanwege knie- en rugbeperkingen, en dat de voorgeschreven hulpmiddelen deze beperkingen onvoldoende wegnemen. Ook stelde hij dat het medisch advies de brief van zijn orthopedisch chirurg verkeerd had geïnterpreteerd en dat hij een gehandicaptenparkeerplaats nodig heeft vanwege de ruimte die nodig is om het portier van de auto volledig te openen.
De Raad oordeelde dat het college zich terecht baseerde op het zorgvuldige en gemotiveerde medisch advies van de GGD, waarin werd vastgesteld dat appellant redelijkerwijs een afstand van meer dan 100 meter kan lopen. De aanvullende medische stukken boden geen aanleiding tot herziening van het advies. De omstandigheid omtrent het openen van het portier valt buiten het beoordelingskader en was bovendien niet medisch onderbouwd.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarom de eerdere uitspraak en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De afwijzing van de gehandicaptenparkeerkaart wordt bevestigd wegens het ontbreken van medische noodzaak.